Werk je in loondienst, dan heb je in 2026 recht op 6 weken zwangerschapsverlof en minstens 10 weken bevallingsverlof. Samen is dat minstens 16 weken, zo staat het bij de Rijksoverheid (regels 2026). Verwacht je een tweeling of meerling, dan zijn het er 20. Al die weken krijg je een uitkering van 100% van je dagloon, tot een wettelijk maximum.
Ook als zzp’er of met een WW-uitkering kun je rond je bevalling een uitkering krijgen, alleen vraag je die dan zelf aan bij UWV.
Wanneer je zwangerschapsverlof ingaat
Je bepaalt zelf op welke dag je stopt met werken, zolang die dag tussen 6 en 4 weken voor je uitgerekende datum ligt. De vroegste startdag vind je door 6 weken terug te tellen vanaf de dag na je uitgerekende datum. Later beginnen mag, maar uiterlijk 4 weken voor die dag ga je met verlof (UWV, 2026).
De weken die je langer doorwerkt, ben je niet kwijt. Wat je minder dan 6 weken opneemt, tel je op bij je bevallingsverlof. Begin je bijvoorbeeld 5 weken voor de dag na de uitgerekende datum, dan heb je na de geboorte 1 week extra. Daar staat tegenover dat je voor de geboorte minder tijd overhoudt om uit te rusten of nog een les zwangerschapsyoga te volgen.
Bevallingsverlof als je baby te vroeg of te laat komt
Het bevallingsverlof begint op de dag na de geboorte en duurt minstens 10 weken. Komt je baby te vroeg, dan schuiven de gemiste dagen door en blijft het totaal 16 weken. Komt je baby te laat, dan blijven de 10 weken na de geboorte staan en valt je totaal langer uit. De voorbeelden gaan uit van 6 weken van tevoren stoppen met werken en volgen de rekenregels van de Rijksoverheid.
|
Je baby komt |
Verlof voor de geboorte |
Verlof na de geboorte |
Totaal |
|---|---|---|---|
|
Op de uitgerekende datum |
6 weken |
10 weken |
16 weken |
|
1 week te vroeg |
5 weken |
11 weken |
16 weken |
|
2 weken te laat |
8 weken |
10 weken |
18 weken |
Na de eerste 6 weken na de bevalling mag je de rest van je verlof in delen opnemen, verspreid over maximaal 30 weken. Dat vraag je uiterlijk 3 weken na het begin van je bevallingsverlof aan bij je werkgever, die alleen mag weigeren als het bedrijf er ernstig door in de problemen komt (Rijksoverheid, 2026).
Ligt je baby na de geboorte langer dan één week in het ziekenhuis, dan heb je mogelijk recht op extra bevallingsverlof (UWV, 2026). Over de eerste week van de opname krijg je geen extra verlof.
Tweeling of meerling geeft 20 weken verlof
Bij een tweeling of meerling krijg je 10 weken zwangerschapsverlof en minstens 10 weken bevallingsverlof, samen 20 weken (Rijksoverheid, 2026). Het verlof gaat in tussen 10 en 8 weken voor je uitgerekende datum en ook hier schuift door wat je voor de bevalling niet opneemt.
Wat je krijgt in loondienst, als zzp’er en met een uitkering
Hoeveel je krijgt en wie de aanvraag doet, hangt af van hoe je werkt.
|
Jouw situatie |
Wat je krijgt |
Wie vraagt aan en wanneer |
|---|---|---|
|
Je werkt in loondienst |
100% van je dagloon, tot het maximumdagloon |
Je werkgever, tussen 4 en 2 weken voordat je verlof begint |
|
Je bent zzp’er of ondernemer |
ZEZ-uitkering van minstens 16 weken, maximaal het minimumloon |
Jijzelf bij UWV, tussen 4 en 2 weken voor de gewenste startdatum |
|
Je hebt een WW-, Ziektewet- of loongerelateerde WGA-uitkering |
100% van het dagloon van je huidige uitkering |
Jijzelf bij UWV, tussen 4 en 2 weken voor de gewenste startdatum |
In loondienst merk je weinig van de uitkering, want UWV betaalt meestal aan je werkgever en die betaalt je loon door. Je werkgever doet de aanvraag tussen 4 en 2 weken voordat je verlof begint (UWV, 2026). Het maximumdagloon is € 309,91 bruto per dag (UWV, maximumdagloon 2026, stand oktober 2026). Verdien je meer dan het maximum, dan mag je werkgever het verschil aanvullen, maar verplicht is dat volgens UWV niet.
Als zzp’er vraag je de ZEZ-uitkering aan, de regeling Zelfstandige en Zwanger (UWV, 2026). Werkte je in het kalenderjaar voordat de uitkering start 1.225 uur of meer als zelfstandige, dan krijg je het minimumloon. Bij minder uren kijkt UWV naar je winst of inkomsten. Doorwerken tijdens de uitkering heeft geen gevolgen voor het bedrag. Was je te laat met aanvragen, dan krijg je de uitkering nog met terugwerkende kracht tot 1 jaar terug.
Heb je een WAO-, Wajong- of IVA-uitkering, dan loopt die gewoon door en krijg je geen aparte zwangerschapsuitkering (UWV, 2026).
Het verlof regelen in loondienst, stap voor stap
De stappen volgen de uitleg van de Rijksoverheid over aanvragen (2026).
- Vraag je huisarts of verloskundige om een zwangerschapsverklaring, bijvoorbeeld tijdens een zwangerschapscontrole. Op de verklaring staat je vermoedelijke bevallingsdatum.
- Bepaal op welke dag je stopt met werken, tussen 6 en 4 weken voor de dag na je uitgerekende datum.
- Meld je verlof bij je werkgever, uiterlijk 3 weken voordat het ingaat. Ga je pas 4 weken voor je uitgerekende datum met verlof, dan meld je het dus uiterlijk 7 weken voor die datum.
- Je werkgever vraagt de uitkering aan bij UWV. Daar hoef jij niets voor te doen.
- Bewaar de zwangerschapsverklaring. UWV mag er tot 1 jaar na het einde van je uitkering om vragen.
Je werkgever mag het verlof niet weigeren. Ontslag vanwege je zwangerschap is verboden, ook tijdens het verlof en in de eerste 6 weken daarna. Je vakantiedagen bouw je intussen gewoon op (Rijksoverheid, 2026).
Ziek voor of tijdens je verlof
Niet iedereen werkt fit door tot de startdatum. Houden misselijkheid of andere klachten je van je werk, bespreek ze dan met je verloskundige of huisarts. Meld je je door je zwangerschap ziek voordat je verlof begint, dan vraagt je werkgever een Ziektewet-uitkering voor je aan. Word je tijdens het verlof ziek door je zwangerschap of bevalling, dan verandert er niets aan je uitkering.
Let op de periode tussen 6 en 4 weken voor je uitgerekende datum. Ben je in die weken ziek terwijl je nog niet met verlof bent, dan tellen de ziektedagen als opgenomen zwangerschapsverlof. Doorschuiven naar de tijd na de geboorte gaat dan niet meer. Als zelfstandige krijg je bij ziekte door je zwangerschap alleen een vergoeding als je daarvoor vrijwillig verzekerd bent (Rijksoverheid, 2026).
Verlof voor je partner valt onder andere regels
Een partner in loondienst heeft geen zwangerschapsverlof maar geboorteverlof: één keer het aantal werkuren per week, volledig doorbetaald en op te nemen binnen 4 weken na de geboorte. Daarna volgt tot 5 weken aanvullend geboorteverlof binnen 6 maanden na de geboorte, met een UWV-uitkering van maximaal 70% van het dagloon (Rijksoverheid, 2026).
Planning vanaf je uitgerekende datum
Zet de dag na je uitgerekende datum in je agenda en tel van daaruit terug:
- Zodra je uitgerekende datum bekend is: de zwangerschapsverklaring vragen.
- Uiterlijk 3 weken voor de start van je verlof: je werkgever je startdatum laten weten.
- 4 tot 2 weken voor de start: als zzp’er of met een uitkering zelf de aanvraag doen bij UWV.
- 6 tot 4 weken voor de dag na je uitgerekende datum: je verlof gaat in, bij een meerling 10 tot 8 weken ervoor.
- Binnen 3 weken na de bevalling: doorgeven of je het laatste deel van je verlof in delen opneemt.
Loopt je contract af binnen 10 weken voor je uitgerekende datum, dan bel je zelf UWV voor het aanvraagformulier. Dit artikel beschrijft de algemene regels van 2026 en is geen advies voor jouw persoonlijke situatie.
