CANS complaints of the arm, neck and/or shoulder

Inleiding

CANS staat voor ‘complaints of the arm, neck and/or shoulder’, oftewel klachten van de arm, nek en/of schouder. Het stond bekend als RSI (repetitive strain injury) als een verzamelnaam.. Deze naam is echter onjuist, omdat het suggereert dat er sprake is van “injury”: schade. Hiervan is bijna nooit sprake.
CANS wordt in verband gebracht met overbelasting van het lichaam als gevolg van beroepsuitoefening. Het is de snelst groeiende groep van zogenaamde werkgerelateerde aandoeningen. Hoe de aandoening ontstaat, is nog grotendeels onbekend.
 

Oorzaken

Het is onduidelijk waarom bij de één wel klachten optreden en bij de ander nooit. Verder blijkt uit verschillende onderzoeken dat het gebruiken van pauzesoftware geen verminderend effect heeft op de klachten. Wel zijn er factoren bekend die een groter risico op het krijgen van CANS veroorzaken.

Fysieke belasting in een statische houding
Bij de theorie van de statische houding gaat men er van uit dat langdurig werken in dezelfde houding (met onvoldoende pauzes) een verminderde lokale bloeddoorstroming in de spieren veroorzaakt, wat uiteindelijk leidt tot spiervermoeidheid. Afvalstoffen stapelen zich op waardoor een verhoogde druk in de spier ontstaat. Dit veroorzaakt pijn. De pijnsensoren in de spieren zouden bij een langdurige prikkeling overgevoelig raken, met als gevolg dat geringe pijn of overbelasting al als ernstige pijn wordt ervaren.
Beroepen waarbij de kans groot is dat dit mechanisme optreedt zijn bijvoorbeeld: beeldschermwerkers, musici en kapsters. Bij al deze beroepen is er sprake van het verrichten van arbeid met een gebogen nek en geheven armen, en er sprake van statische belasting van voornamelijk nek- en schouderspieren.

Repeterende bewegingen
Dit is arbeid waarbij een hoge frequentie, extreme standen van de gewrichten en of krachtsuitoefening noodzakelijk is. Dit kan leiden tot vooral overmatige wrijving van pezen in peesscheden, of drukuitoefening (en daarmee beknelling) van botten, spieren en zenuwen.
Beroepen met een repeterend karakter worden vooral gezien in de industrie, zoals assemblage, inpakwerk en in de vleesverwerkende industrie, maar ook beeldschermwerkers vallen hieronder. De veelal hoge frequentie van bewegingen van de arm, ongunstige standen van de pols en het ellebooggewricht en krachtuitoefening zorgen hier voor de klachten.

Psychosociale belasting
Een hoge psychische belasting (werkstress, werktempo, werkdruk, hoge mentale eisen) kan in combinatie met bijvoorbeeld een slechte werkorganisatie of verstoorde werksfeer leiden tot hogere spierspanning. Dit vergroot de kans dat een klacht voort blijft duren.

Persoonsgebonden factoren
Waarschijnlijk spelen ook individuele factoren een rol, zoals een perfectionistische instelling en iemands fysieke en mentale belastbaarheid.
 

Verschijnselen

Bij veel aandoeningen is er sprake van een precies aan te geven tijdstip waarop de klachten begonnen zijn. Bij CANS is dit moeilijk omdat de klachten, met name de pijn, zich geleidelijk aan ontwikkelen en verergeren. Typische klachten zijn vermoeidheid en pijn na langdurig of stressvol werk. In een later stadium zijn de klachten niet alleen gerelateerd aan het werk, maar ook aanwezig 's avonds en bij het opstaan. De pijn kan uitstralen naar andere lichaamsdelen in de directe omgeving van de bron van de klachten. Soms is er sprake van krachtsverlies. Uiteindelijk kan de pijn continu aanwezig zijn, ongeacht de bezigheden.

 

Diagnose

In eerste instantie wordt op basis van de klacht en een lichamelijk onderzoek vastgesteld of er sprake kan zijn van een specifiek probleem. Een achterliggende lichamelijke aandoening die de oorzaak kan zijn van de klachten. Wanneer er geen andere oorzaak gevonden kan worden, zijn de klachten aspecifiek en is er sprake van CANS. Het is dan verantwoord om geen aanvullend onderzoek te doen en te blijven zoeken naar een ziekte of andere oorzaak.
 

Behandeling

Voor een aspecifieke klacht, dus een klacht zonder duidelijke oorzaak, is het niet makkelijk om een goede behandeling te kiezen. Het is belangrijk om spieren op een juiste manier in te spannen en ook weer goed te ontspannen. Om dit te leren hebben sommige mensen baat bij bijvoorbeeld oefentherapie.

Er zijn geen goede onderzoeken die een gunstig effect laten zien van bepaalde behandelingen op CANS. De mogelijkheden zijn echter talrijk. Welke behandeling (of juist geen behandeling) bij u past, kunt u alleen zelf ervaren.
 

Wat kunt u zelf doen?

Alhoewel op dit moment nog geen onderzoek voorhanden is dat aanwijzingen geeft dat CANSte voorkomen is, lijkt het verstandig op de volgende punten te letten bij het uitvoeren van werkzaamheden:

  • Let op uw houding; een goede ontspannen houding is belangrijk evenals afwisseling van houding.
  • Gebruik uw kracht verstandig.
  • Neem geregeld een pauze en werk niet langer dan 5 a 6 uur per dag achter een beeldscherm.
  • Let op de hoogte en afstand van uw stoel, bureau en beeldscherm, en stel uw meubilair zonodig bij.
  • Wissel de werkzaamheden af.
  • Zorg voor een positieve sfeer op het werk.

Wanneer de klachten (dreigen te) leiden tot problemen met uw werk, is een aanpak nodig waarbij meerdere facetten worden betrokken. Aanpassing van de werkzaamheden, verbetering in de sfeer van de psychosociale arbeidsgebonden factoren, contact houden met collega's tijdens afwezigheid en het inbouwen van een gewenningsperiode, zijn maatregelen die de arbeidsreïntegratie bevorderen.

 

Meer informatie

Informatie over CANS-aandoeningen
www.werkendlichaam.nl

Informatie over CANS van de patiëntenvereniging
www.rsi-vereniging.nl

Otten F, Bongers P, Houtman I. De kans op RSI in Nederland: gegevens uit het permanent onderzoek leefsituatie, 1997. Mndber gezondheid (CBS) 1998:11;5-15.

Bongers P, Ridder GMT, Douwes M, Houtman IL, The K. Repetitive Strain Injuries: deel 2 risicogroepen en interventies. TBV 1999:1;8-16.

Gezondheidsraad RSI. Den Haag. Gezondheidsraad 2000, Publicatie 2000/22.Bongers P, Ridder GMT, Douwes M, Houtman IL, TheK. Repetitive Strain Injuries: deel 2 risicogroepen en interventies. TBV 1999:1;8-16.
 
Bron:
LSHTM
Copyright:
Medic Info
Datum:
14/03/2008
Disclaimer

ADVERTENTIE