Baby’s met het Cornelia de Lange-syndroom zijn klein bij de geboorte en ontwikkelen zich langzamer dan andere kinderen. Storingen in de geestelijke en lichamelijke ontwikkeling variëren van licht tot bijzonder zwaar.
Een opvallend kenmerk van dit syndroom is, dat alle kinderen die er aan lijden bijzonder veel op elkaar lijken. Baby’s hebben over het algemeen een klein hoofd (microcefalie), dunne en doorlopende wenkbrauwen, een sterke lichaamsbeharing (hirsutisme), kleine handen en voeten, en andere afwijkingen aan de ledematen.
Tien procent van alle kinderen met deze aandoening lijdt aan een hartafwijking. Vaak betreft dit een gat tussen de hartkamers en bij drie procent van de kinderen kan een hartoperatie nodig zijn.
Een ander, vaak voorkomend kenmerk is
gastro-oesofageale reflux. Het kind boert dan de zure inhoud van de maag op in de slokdarm.
Ook doofheid en gedragsproblemen komen relatief vaak voor bij kinderen met deze aandoening.