Kaalheid volgens het mannelijk patroon

Inleiding


Kaalheid volgens het mannelijk patroon komt veel voor en wordt gekenmerkt door een karakteristiek patroon van een wijkende haarlijn en dunner haar, met name op de kruin bovenop het hoofd. Kaalheid volgens het mannelijk patroon is de meest voorkomende vorm en komt meestal voor bij jonge mannen en op middelbare leeftijd. Deze vorm van kaalheid maakt deel uit van het verouderingsproces maar kan al vanaf twintigjarige leeftijd beginnen. Kaalheid volgens het mannelijk patroon kan echter ook bij vrouwen voorkomen, met name tijdens de overgang. De medische term voor kaalheid volgens het mannelijk patroon is alopecia androgenetica.
 

Oorzaken


Bij het ouder worden, worden de haarfollikels steeds kleiner en het haar dunner. Uiteindelijk worden de haarfollikels zo klein dat er geen haar meer uit kan groeien. Mannelijke geslachtshormonen en erfelijke factoren spelen waarschijnlijk een rol bij het ontstaan van deze kaalheid volgens het mannelijk patroon.
 

Verschijnselen


Kaalheid volgens het mannelijk patroon wordt gekenmerkt door een wijkende haarlijn en korter en dunner haar op de kruin bovenop het hoofd dat geleidelijk uitvalt. Is er eenmaal haaruitval opgetreden, dan komt het haar niet meer terug. De wijkende haarlijn bereikt de dunner wordende plek op de kruin, zodat er vaak een U-vormig of ‘hoefijzervormig’ haarpatroon ontstaat aan de zijkanten van het hoofd. Soms wordt iemand geheel kaal. Bij vrouwen met deze aandoening treedt de kaalheid dikwijls meer verspreid op, met dunner wordend haar aan de voorzijde, zijkanten en boven op het hoofd.
 

Diagnose


De diagnose wordt gesteld op basis van de medische voorgeschiedenis, het verhaal van de patiënt en de verschijnselen. Tevens wordt een lichamelijk onderzoek verricht waarbij vooral het mannelijke patroon van de kaalheid opvalt. Vaak komt kaalheid volgens het mannelijke patroon in de familie voor. Als het patroon van kaalheid anders is dan verwacht, moet rekening worden gehouden met andere aandoeningen en worden deze uitgesloten door middel van bijvoorbeeld een huidbiopsie. Haaranalyse, bloedonderzoek, urineonderzoek en andere laboratoriumonderzoeken worden verricht om vergiftiging met giftige stoffen, zoals arsenicum, lood, kwik, thallium of boorzuur uit te sluiten.
 

Behandeling


Behandeling van alopecia androgenetica is niet noodzakelijk als er geen problemen zijn met het uiterlijk. Verandering van kapsel, een pruik of haarstuk en hairweaving kunnen het haarverlies te maskeren. Tevens kan een oplossing van minoxidil worden gebruikt om het haarverlies te verminderen. Minoxidil stimuleert de haarfollikels, vermindert de haaruitval en zorgt soms voor nieuwe haargroei. Het haarverlies keert echter terug naar de eerdere situatie zodra behandeling met minoxidil wordt gestopt. Een ander geneesmiddel dat haarverlies kan vertragen is finasteride, dat in tabletvorm wordt toegediend en de werking van mannelijke geslachtshormonen blokkeert. De effecten van finasteride lijken sterk op die van minoxidil en zodra het gebruik van het geneesmiddel wordt gestaakt, keert de kaalheid terug naar de eerder bestaande situatie. Andere geneesmiddelen die de werking van mannelijke geslachtshormonen blokkeren, zoals spironolacton, flutamide of cyproteronacetaat, kunnen zinvol zijn bij vrouwen die kaal worden. Ze mogen echter niet worden gebruikt bij vrouwen die nog kinderen kunnen krijgen.
Tenslotte kan een haartransplantatie kaalheid effectief verminderen. Het resultaat kan lang blijven bestaan en is vaak uitstekend. Haartransplantatie is echter een dure ingreep, waarvoor verschillende operaties noodzakelijk zijn en met een risico op littekenvorming, infecties en hoofdhuidabcessen.
 

Complicaties


Complicaties van kaalheid volgens het mannelijke patroon houden meestal verband met de psychische problemen waarmee kaal worden gepaard gaat. Recentelijk is uit wetenschappelijk onderzoek gebleken dat er mogelijk een verband bestaat tussen kaalheid volgens het mannelijke patroon en bepaalde hartaandoeningen.
 

Prognose


Kaalheid volgens het mannelijk patroon gaat niet gepaard met algemene aandoeningen, wel kan er sprake zijn van psychisch lijden door de aandoening. De kaalheid is blijvend en het gebruik van geneesmiddelen kan alleen helpen het haarverlies tegen te houden, waardoor bij het staken van de behandeling de kaalheid terugkeert. Het resultaat van een haartransplantatie is dikwijls effectief, uitstekend en langdurig.
 

Meer informatie


Meer informatie over geneesmiddelen kunt u vinden in de Geneesmiddelenatlas.

Informatie van huidartsen
www.huidziekten.nl
www.huidarts.com
www.huidinfo.nl


Informatie van de Vereniging Alopecia Androgenetica Patiënten
http://www.aapv.nl/

www.ncbi.nlm.nih.gov
Bergfeld, W.F. (1995), “Androgenetic Alopecia: An Autosomal Dominant Disorder”, Am J Med, vol. 98, no. 1A, 16th January, pp. 95S-98S.
(Engels)

www.news.harvard.edu
Cromie, W.J. (2000), Male Baldness Linked to Higher Incidence of Heart Disease. [Online] [Geraadpleegd: 24 juni 2005]. (Engels)

www.nlm.nih.gov
Medline Plus (2003), Male Pattern Baldness. [Online] te raadplegen op: [Geraadpleegd: 24 juni 2005]. (Engels)

www.hmc.psu.edu
Penn State Milton S. Hershey Medical Center-College of Medicine (2005), Androgenetic Alopecia. [Online] te raadplegen op: [Geraadpleegd: 24 juni 2005]. (Engels)

www.ncbi.nlm.nih.gov
Sommer, M. and Wilson, C.(1999), “Therapeutic Approaches to the Management of Common Baldness”, Int J Clin Pract, vol. 53, no. 5, July-August, pp. 381-385.
(Engels)

Tosti, A., Camacho-Martinez, F. and Dawber, R. (1999), “Management of Androgenetic Alopecia”, J Eur Acad Dermatol Venereol, vol. 12, no. 3, May, pp. 205-214. (Engels)

Olsen, E.A. (2003), Hair, in: Freedberg, I.M., Eisen, A.Z., Wolff, K.L., Austen, K.F., Goldsmith, L.A. and Katz, S.I. (eds) Fitzpatrick’s Dermatology in General Medicine, 6th ed, vol. 1, McGraw-Hill, New York. (Engels)

Paige, D.G. (2002), Skin disease, in: Kumar, P. and Clark, M. (eds) Kumar and Clark Clinical Medicine, 5th ed, W.B. Saunders Company, Philadelphia. (Engels)

Rubin, A.I., LaNatra, N. and Stiller, M.J. (2003), Other Topical Medications, in: Freedberg, I.M., Eisen, A.Z., Wolff, K.L., Austen, K.F., Goldsmith, L.A. and Katz, S.I. (eds) Fitzpatrick’s Dermatology in General Medicine, 6th ed, vol. 2, McGraw-Hill, New York. (Engels)

Schofield, O.M.V. and Hunter, J.A.A. (1999), Diseases of the Skin, in: Haslett, C., Chilvers, E.R., Hunter, J.A.A. and Boon, N.A. (eds) Davidson’s Principles and Practice of medicine, 18th ed, Churchill Livingstone, Edinburgh. (Engels)
 
Bron:
LSHTM
Copyright:
Medic Info
Datum:
29/12/2008
Disclaimer

ADVERTENTIE