Inleiding
De nekplooimeting (nuchal translucency meting, NT-meting) is een vorm van prenatale screening waarbij met echo-onderzoek de dikte van de nekplooi van je baby gemeten wordt. Het onderzoek wordt uitgevoerd tussen de 11e en 14e week van de zwangerschap en is niet verplicht. Met de nekplooimeting kan het risico worden berekend op het krijgen van een kind met het syndroom van Down en sommige andere chromosoomafwijkingen. De nekplooimeting wordt vaak gecombineerd met de vroege bloedtest . Deze testen vormen samen de combinatietest.
Indicaties
Deze vorm van prenatale screening wordt aan alle zwangere vrouwen in Nederland aangeboden. De screening staat los van leeftijd, gezondheid en aangeboren aandoeningen in de familie van jou en de vader van je baby. Je mag zelf beslissen of je de nekplooimeting wilt laten uitvoeren of niet. Deze beslissing kan moeilijk zijn. Je huisarts, verloskundige of gynaecoloog kan je informatie en uitleg geven en je begeleiden bij het nemen van de beslissing.
Onderzoek
Via je buikwand of je vagina wordt met een echo de dikte van de nekplooi van je baby gemeten. De nekplooi bestaat uit een dun laagje vocht onder de huid van de nek. Hoe meer vocht, hoe dikker de nekplooi. De nekplooimeting is niet pijnlijk.
Resultaten
De uitslag
De dikte van de nekplooi is meteen bekend. Hoe dikker de nekplooi is, hoe groter de kans op een afwijking bij je ongeboren kindje. De uitslag van de nekplooimeting wordt gecombineerd met andere gegevens, zoals je exacte zwangerschapsduur en je leeftijd. Vervolgens kan worden vastgesteld of er een verhoogd risico bestaat.
Beperkingen van de uitslag
Het resultaat van de nekplooimeting heeft een aantal beperkingen. De uitslag geeft aan wat de káns is dat je kindje een dergelijke afwijking heeft. Er kan niet met zekerheid worden vastgesteld óf je kind de aandoening wel of niet heeft. Verder kan bij een lage kans de aandoening toch aanwezig zijn, en bij een hoge kans staat nog niet vast dat de aandoening ook daadwerkelijk aanwezig is. Een verdikte nekplooi kan namelijk ook voorkomen bij gezonde kinderen. Er ontstaat dan onterechte ongerustheid. Aan de andere kant hebben niet alle kinderen met een afwijking een verdikte nekplooi. Deze kinderen kunnen dus niet door middel van een nekplooimeting worden opgespoord en het is dan mogelijk dat je ten onrechte gerustgesteld wordt. Tenslotte wordt met een nekplooimeting geen antwoord gegeven op de vraag of je kind verder gezond is en in hoeverre een eventuele aandoening zijn of haar leven zal beïnvloeden.
Vervolgonderzoek
Als uit de nekplooimeting blijkt dat de kans op een afwijking verhoogd is, kom je in aanmerking voor prenatale diagnostiek. Dit kan bestaan uit een vruchtwaterpunctie , vlokkentest , navelstrengpunctie of uitgebreid echo-onderzoek . Ook deze vervolgonderzoeken zijn niet verplicht.
Gevolgen
De nekplooimeting heeft geen risico’s voor jou of voor je baby. De test verhoogt de kans op een miskraam niet.
Meer informatie
http://nhg.artsennet.nl
Informatie van het Nederlands Huisartsen Genootschap
http://www.prenatalescreening.nl
Informatie van het Erfocentrum
http://www.knov.nl
Informatie van de Koninklijke Nederlandse Organisatie van Verloskundigen