Inleiding
Reanimatie of cardiopulmonale resuscitatie (CPR) betekent: weer tot leven wekken.
Reanimatie is nodig bij een hartstilstand. Dat wil zeggen als de patiënt niet meer ademt en het hart is opgehouden met kloppen. Enkele seconden na een hartstilstand verliest de patiënt het bewustzijn en reageert niet meer op prikkels. Dat komt doordat er geen bloed meer naar de hersenen gepompt wordt.
Reanimatie is een methode om een hart dat is gestopt, weer aan het kloppen te brengen. Zodat de bloedstroom weer op gang komt. Tegelijkertijd dient een hulpverlener kunstmatig zuurstof toe aan de longen, zodat er zuurstofrijk bloed door de aderen blijft stromen.
Reanimatie mag alleen worden uitgevoerd door iemand die hiervoor opgeleid is.
Het ABC van reanimatie
Het ABC van de reanimatie is een afkorting uit het Engels: Airway (luchtweg), Breathing (ademhaling) en Circulation (bloedsomloop).
A: luchtwegen vrij
Eerst moeten de luchtwegen vrij zijn van eventuele obstakels - zoals braaksel, speelgoed (bij kinderen) of voedsel - zodat frisse, zuurstofrijke lucht de longen kan bereiken. Soms kan de tong zelf de luchtwegen blokkeren.
Als er iets in de keel zit, moet de hulpverlener dit verwijderen. Dit kan door de patiënt op de zij te leggen of door het obstakel er met de vingers uit te halen.
B: ademhaling
De hulpverlener moet zorgen dat er lucht in en uit de longen stroomt.
C: bloedsomloop
Ten slotte moet het bloed door de aderen gepompt worden, zodat de hersenen voldoende zuurstof krijgen.
In de praktijk
Reanimatie mag alleen door een geoefend persoon worden uitgevoerd. Reanimatie is een combinatie van
beademing en hartmassage.
- Eerst moet worden vastgesteld of de patiënt daadwerkelijk een hartstilstand heeft en niet op prikkels reageert. Een omstander kan misschien nuttige informatie geven, waaruit blijkt of de patiënt een hartinfarct heeft gehad bijvoorbeeld.
- Leg de patiënt op de rug op een stevige ondergrond en maak alle kleding los. Roep hem/haar bij de naam en schud voorzichtig aan de schouder.
- Probeer ondertussen hulp te krijgen. Bel 112. Kijk en luister of er tekenen zijn van ademhaling, zoals het op en neer gaan · van de borstkas of het opensperren van de neusgaten. U kunt ook voelen of er lucht uit de neus of mond komt. Als er geen tekenen zijn van ademhaling, circuleert het bloed ook niet en heeft de patiënt reanimatie nodig.
- Kijk en luister of er tekenen zijn van ademhaling, zoals het op en neer gaan van de borstkas of het opensperren van de neusgaten. U kunt ook voelen of er lucht uit de neus of mond komt. Als er geen tekenen zijn van ademhaling, circuleert het bloed ook niet en heeft de patiënt reanimatie nodig.
- Maak de luchtweg van de patiënt vrij, trek het hoofd voorzichtig schuin achterover (met de kin omhoog) en knijp de neus dicht.
- Adem in, leg dan uw open mond op die van de patiënt en let erop dat deze ook bij de mondhoeken goed aansluit.
- Blaas krachtig (maar niet te) in de mond. Als het goed is, gaat de borst op en neer. Voelt u een sterke weerstand, dan zijn de luchtwegen waarschijnlijk verstopt en moeten eerst worden vrijgemaakt.
- De bloedsomloop moet weer op gang worden gebracht door de samentrekkingen van het hart kunstmatig op te wekken. Glijd met uw vinger langs het borstbeen van de patiënt omlaag tot waar het eindigt; leg één vlakke hand een vingerbreedte boven dit punt en de andere handpalm daar bovenop, met de vingers van beide handen ineengestrengeld. Uw armen moeten gestrekt, en loodrecht boven het borstbeen van de patiënt zijn.
- Buig u over de patiënt en duw vanuit uw schouders omlaag. Streef ernaar het borstbeen zo'n 4 centimeter in te drukken.
- Probeer uw ellebogen en polsen niet te veel te spannen, want dan raakt u sneller uitgeput. Op elke vijftien keer duwen moet u twee keer adem inblazen. Probeer ten minste één keer per seconde te duwen; honderd keer per minuut is het allerbeste. Tellen kan daarbij misschien helpen. Als je alleen bent: 15x duwen en dan 2x beademen. Als je met 2 personen bent: 5x duwen, dan 1x beademen.
- Zo'n hartmassage is heel vermoeiend. Het is dan ook essentieel dat u een gemakkelijke houding aanneemt en er iemand is die u kan aflossen.
De patiënt heeft dringend medische hulp nodig. Momenteel is het advies om bij volwassenen direct nadat bewusteloosheid is vastgesteld, een ambulance te laten komen, nog voordat u begint te reanimeren. Bij kinderen moet u, als u alleen bent, eerst één minuut reanimeren alvorens hulp in te roepen.
Defibrillatie
De meest voorkomende oorzaak van een hartstilstand bij volwassenen is het fibrilleren van een hartkamer. Dit is vaak het gevolg van een hartinfarct, maar kan ook spontaan optreden. De spiergroepjes van de hartkamer trekken chaotisch en heel snel samen (fibrilleren) en daardoor kunnen ze het bloed niet normaal verder pompen. Hierdoor staat de bloedcirculatie stil.
De beste manier om een normaal hartritme te herstellen is door defibrillatie. Dat gebeurt door een elektroshock met een defibrillator. Deze methode mag alleen toegepast worden door een verpleegkundige of arts.
In de toekomst zullen er defibrillators aanwezig zijn in openbare ruimtes. Deze apparaten kunnen dan gebruikt worden door personen die hiervoor een training hebben gevolgd.
Complicaties
Reanimatie moet doortastend maar voorzichtig gebeuren. Complicaties kunnen zijn dat er lucht in de maag terechtkomt, waardoor de buik gaat opzetten. Dit kan tot braken leiden. Braaksel kan de luchtwegen blokkeren en als het in de longen terechtkomt, kan het daar schade aanrichten.
Het borstbeen of de ribben kunnen breken door de hartmassage.
Cursussen
Reanimatie is een techniek die oefening vereist. Met goede instructies en mogelijkheden om te oefenen, valt reanimatie goed te leren.
Bent u geinteresseerd in het aanleren van reanimatie en andere levensreddende technieken, informeer dan bij een arts naar cursussen op dit gebied. Of kijk op
www.reanimatieraad.nl.
Referenties
Ramrakha P., and Moore K., Cardiorespiratory arrest, Oxford Handbook of Acute Medicine, 1st ed., Oxford University Press, London.