Astma

Oorzaken

Bij astma zijn de luchtwegen overgevoelig voor bepaalde prikkels. Als reactie op deze prikkels trekken de spiertjes rond de luchtwegen samen. Het slijmvlies aan de binnenkant van de luchtwegen raakt ontstoken, zwelt op en produceert meer slijm. Hierdoor worden de luchtwegen nauwer. Het is niet duidelijk waarom de ene persoon astma krijgt en de andere niet. Erfelijkheid speelt een rol waardoor in één familie vaak meerdere mensen met astma voorkomen. Deze erfelijke overgevoeligheid wordt atopie genoemd.

Een astma-aanval kan vele oorzaken hebben. Ten eerste kan astma worden opgewekt door stoffen waarvoor de patiënt allergisch is. Zo’n stof wordt een allergeen genoemd en blootstelling aan een kleine hoeveelheid kan al voldoende zijn om een aanval uit te lokken. Allergenen zijn bijvoorbeeld huisstofmijt, huidschilfers van huisdieren, schimmels en stuifmeelpollen. Luchtwegen kunnen echter ook reageren op prikkels die niets met een allergie te maken hebben zoals bijvoorbeeld koude lucht, (sigaretten)rook of parfum. Ook luchtvervuiling, stofdeeltjes en bepaalde voedingsstoffen kunnen astma veroorzaken. Verkoudheid of griep en lichamelijke inspanning kunnen bij personen die reeds gevoelige luchtwegen hebben een astma-aanval uitlokken. Stress en emoties kunnen astma verergeren. Tenslotte kunnen bepaalde medicijnen (bijvoorbeeld aspirine) astma veroorzaken. Meestal reageren de luchtwegen direct na een prikkel, soms pas na uren. Niet iedereen reageert op dezelfde prikkels.
 

Verschijnselen

Astma kan zich op verschillende manieren uiten. De verschijnselen verlopen in aanvallen, komen op en verdwijnen weer. De ernst en frequentie van zulke aanvallen lopen sterk uiteen. Sommige patiënten met astma hebben af en toe een korte, lichte aanval. Anderen piepen en hoesten vaak en hebben ernstige aanvallen. Een aanval kan acuut beginnen, maar ook geleidelijk en kan van enkele minuten tot uren of zelfs dagen duren.

Het belangrijkste kenmerk is een piepende ademhaling, deze wordt vooral veroorzaakt doordat de uitademing moeilijk gaat. Daarnaast kan slijmvorming in de luchtwegen klachten geven. Tijdens de ademhaling kunnen dan brommende, zagende of pruttelende geluiden te horen zijn. Kortademigheid treedt op en het ademhalen kost veel moeite waardoor astmapatiënten moe zijn, gauw uitgeput raken en de conditie achteruit gaat. Tevens vinden vaak hoestbuien plaats, soms wekenlang en vooral ’s nachts.
Soms kan een acute en zware aanval optreden, waarbij de ademhaling bijna stilvalt omdat de luchtwegen zo ernstig verstopt zijn dat er nauwelijks meer lucht in en uit kan. Door de kortademigheid kunnen slechts een paar woorden achter elkaar worden uitgebracht. De gebruikelijke medicatie helpt niet om de klachten te verlichten. Slaperigheid en verwardheid treden op en de hartslag is verhoogd. Een dergelijke aanval kan levensbedreigend zijn.
Astma is goed te behandelen maar gaat niet echt over. Het kan zijn dat er jarenlang geen klachten zijn, maar de aanleg voor astma blijft aanwezig.
 

Diagnose

De diagnose wordt gesteld aan de hand van een beschrijving van alle verschijnselen die zijn opgetreden en van de bevindingen van de arts als deze met een stethoscoop op de borst naar de ademhaling luistert. Tevens wordt vaak een longfunctieonderzoek (blaastest) gedaan Soms moet dit onderzoek meerdere malen worden herhaald om de diagnose met zekerheid te kunnen stellen. Daarnaast kan een allergietest door bloedonderzoek aantonen of bepaalde allergische prikkels een rol spelen in het ontstaan van een astma-aanval. De arts kan besluiten bij wijze van proef medicijnen voor te schrijven om na te gaan of de symptomen daardoor afnemen.
 

Behandeling

Astma is meestal goed te behandelen maar gaat niet echt over. De behandeling is erop gericht de symptomen tot een minimum te beperken en een acute astma-aanval te voorkomen. In sommige gevallen kan worden volstaan met het vrijmaken van de leefomgeving van bepaalde allergenen, zoals de huisstofmijt. Vaak zijn echter medicijnen nodig.
Medicijnen kunnen astma niet echt genezen maar bij zorgvuldig gebruik van deze medicijnen kunnen de klachten wel verminderen of langdurig wegblijven. De meest gebruikte medicijnen zijn de zogenaamde inhalatiemiddelen. Deze moeten met een apparaatje (een inhalator) worden ingeademd zodat ze rechtstreeks inwerken op de luchtwegen. Er zijn twee groepen inhalatiemiddelen; luchtwegverwijders en ontstekingsremmers.
Luchtwegverwijders (ook wel bronchodilatantia) zijn gericht op het verlichten van de klachten. Ze zorgen ervoor dat de spiertjes rond de luchtwegen minder samentrekken. Hierdoor gaat het ademen weer makkelijker. Deze middelen worden tijdens een astma-aanval toegediend en werken snel na inhalatie maar hebben geen invloed op de frequentie van de astma-aanvallen. Ze werken niet op de slijmvorming en de zwelling van de luchtwegen. Er zijn luchtwegverwijders die kort (4 tot 6 uur) en die langer (12 tot 24 uur) werken.

Ontstekingsremmers zijn middelen om astma-aanvallen te voorkomen en worden ook wel luchtwegbeschermende middelen genoemd. Ze worden voorgeschreven aan patiënten die verscheidene astma-aanvallen per week hebben. Ze verminderen de ontsteking van het slijmvlies in de luchtwegen en moeten langdurig en dagelijks worden gebruikt . Ontstekingsremmers bevatten de stof corticosteroïden (een bijnierhormoon) en werken na een paar dagen. Bij regelmatig gebruik vermindert de zwelling van het slijmvlies en de slijmvorming en komen astma-aanvallen minder vaak voor. Deze middelen geven dus geen onmiddellijke verlichting bij een acute astma-aanval.

Een patiënt met minder dan twee keer per week een korte aanval heeft meestal alleen een luchtwegverwijder nodig. Iemand met drie of meer aanvallen per week moet daarnaast echter dagelijks een ontstekingsremmer gebruiken. Wanneer er ondanks dagelijks gebruik van een ontstekingsremmer regelmatig klachten blijven dan kan er een langwerkende luchtwegverwijder naast gebruikt worden.

Bij een ernstige aanval van astma wordt een ontstekingsremmer soms in de vorm van tabletten, capsules of een drankje ingenomen, meestal gedurende één tot twee weken (dit wordt een stootkuur genoemd).

Bij astmapatiënten moet een infectie van de luchtwegen in een vroeg stadium worden behandeld om te voorkomen dat de astma daardoor erger wordt. Bij heel zware astma-aanvallen kan een spoedopname in het ziekenhuis nodig zijn, waar zuurstof wordt toegediend samen met medicijnen, meestal via een inhalator maar soms ook via een infuus.

 

Wat kunt u zelf doen?

Om te achterhalen waar u gevoelig voor bent, kan het nuttig zijn om bij te houden waar en wanneer u last krijgt. Als u weet op welke prikkels u reageert, kunt u proberen deze te vermijden. Het is dan bijvoorbeeld soms nodig om een huisdier weg te doen of het huis aan te passen zodat er minder huisstofmijt is.
Rook niet en zorg ervoor dat er in uw omgeving ook niet wordt gerookt, vooral niet in huis. Als u bij inspanning benauwd wordt, betekent dat niet dat u lichamelijke activiteit moet vermijden. Juist voor patiënten met astma is het van belang om in conditie te blijven. Zorg bij sporten voor een goede ‘warming up’. Adem, als het buiten koud is, zo mogelijk door uw neus. De ingeademde lucht is dan minder koud en daardoor minder prikkelend voor de luchtwegen.
Mensen met astma kunnen van de griep extra ziek worden. Het kan daarom aan te raden zijn elk jaar de griepprik te halen.
 

Meer informatie

nhg.artsennet.nl
Patiëntenbrief van het Nederlands Huisartsen Genootschap

Abramson, M.J., Puy, R.M., (2001) Weiner, JM. Allergen immunotherapy for asthma (Cochrane Review). In: The Cochrane Library, 2,. Oxford: Update Software.

Crompton, G. K., et al (1999), Diseases of the Respiratory system, in: Haslett, C., Chilvers, E.R., Hunter, J.A., Boon, N. (eds), Davidson's Principles and Practices Of Medicine, 18th ed, Churchill Livingstone, Edinburgh.

Davies, R. J. (1999), Diseases of the Respiratory system, in: Kumar, P. and Clark, K. (eds), Clinical Medicine, 4th ed, Harcourt publishers, Edinburgh.

Written by St. John's Medical College, Bangalore. Validated by Shantha Sethurajan (GP) University College Hospital, London.
 
Bron:
LSHTM
Copyright:
Medic Info
Datum:
02/02/2011
Disclaimer

ADVERTENTIE