Roken en het verband met hart- en vaatziekten

Inleiding

Sigarettenrook bevat stoffen die schade aan hart en bloedvaten kunnen toebrengen. Veel rokers krijgen last van atherosclerose (aderverkalking). Dit houdt in dat vet, cholesterol en andere stoffen zich ophopen tegen de binnenwand van de grote en middelgrote slagaders. Als deze afzetting ('plaque' of 'atheroom') toeneemt, ontstaat er een vernauwing van het bladvat en wordt de vaatwand minder flexibel. Hierdoor kan het bloed minder goed doorstromen. Soms vormen zich bloedstolsels rond de plaque, waardoor de doorstroming nog meer gehinderd wordt. De plaque kan bovendien broos worden en scheuren. Losse brokjes (embolus) worden meegevoerd door het bloed. Raakt hierdoor een hart- of hersenslagader verstopt, dan heeft iemand een hartinfarct of hersenbloeding.

In sigaretten zitten meer dan vierduizend chemische stoffen, waarvan er ten minste vierhonderd giftig zijn. Hoeveel schade u daarvan ondervindt, hangt niet alleen af van hoeveel sigaretten u rookt, maar ook van de soort sigaret (met of zonder filter) en hoe de tabak is bewerkt. Vermeldenswaardig is nog dat de rook die tussen twee halen door van een sigaret af komt, schadelijker is dan de rook die direct wordt geïnhaleerd.
 

Waarom stoppen met roken?

Onderzoek geeft aan dat wie stopt met roken, minder kans heeft op hart- en vaatziekten. Bovendien neemt de kans op een hernieuwd hartinfarct en het risico van overlijden aan hart- en vaatziekten met maar liefst vijftig procent af. Dit geldt ook voor verstokte rokers!
Stoppen met roken is dan ook essentieel bij de behandeling na een hartinfarct.
 

Waarom is stoppen met roken zo moeilijk?

Wie stopt met roken krijgt vervelende ontwenningsverschijnselen, zoals prikkelbaarheid, rusteloosheid, concentratieproblemen en hoofdpijn. Ook depressieve gevoelens en wisselende stemmingen komen voor. Welke ontwenningsverschijnselen optreden, verschilt per persoon. Na een tijdje verdwijnen ze vanzelf. Wie wil stoppen met roken, moet dus over een sterke wil en doorzettingsvermogen beschikken. Nicotinepleisters en nicotinekauwgom kunnen de ontwenningsverschijnselen verminderen.
 

Referenties

Davies, R.J. 1999, 'Respiratory disease', in Clinical Medicine, eds P. Kumar & M. Clark, Harcourt Publishers Limited, London.

www.hartstichting.nl/go/default.asp?mID=5570
www.stivoro.nl
 
Bron:
LSHTM
Copyright:
Medic Info
Datum:
28/04/2003
Disclaimer

ADVERTENTIE