Je verloskundige en seksuele voorgeschiedenis
Jullie medische voorgeschiedenis
Jullie leefstijl
Tijdens de eerste controle kan de verloskundige bloed afnemen voor onderzoek. Ze kan je ook een laboratoriumformulier meegeven waarmee je bloed kunt laten prikken bij een diagnostisch centrum. Bloedonderzoek levert waardevolle informatie op. Als er bij het bloedonderzoek afwijkingen worden gevonden, neemt de verloskundige contact met je op.
Bloedgroep
Mocht je tijdens de bevalling veel bloed verliezen, dan moet er snel bloed voor je besteld kunnen worden. Daarom wordt je bloedgroep bepaald.
Resusfactoren
Behalve je bloedgroep wordt ook bepaald of je bloed resuspositief of resusnegatief is. Het overgrote deel van de Nederlandse bevolking (84 procent) is resuspositief. Als een aanstaande moeder resusnegatief is en de vader resuspositief, dan is bloed van hun kindje meestal resuspositief. Iemand die resusnegatief is, maakt antistoffen tegen resuspositief bloed. Het is dus mogelijk dat het bloed van de moeder bloedcellen van de baby afbreekt, die hierdoor deze bloedarmoede kan krijgen. Dit wordt resusantagonisme genoemd. Om het risico hierop te bepalen, wordt je bloed als je 27 weken zwanger bent nogmaals onderzocht . Mogelijk krijg je dan in de 30e week van de zwangerschap en na je bevalling een injectie om de vorming van antistoffen in je bloed te voorkomen. Deze injectie is niet gevaarlijk voor je baby.
Irregulaire antistoffen
Behalve de resusfactoren kunnen ook de bloedgroepen botsen als jij antistoffen tegen bepaalde bloedgroepen in je bloed hebt. Ook deze antistoffen kunnen bloedcellen van je kindje afbreken (bloedgroepantagonisme ) waardoor je baby ernstige bloedarmoede kan oplopen. Als je deze antistoffen hebt, wordt je bloed naar een gespecialiseerd laboratorium gestuurd voor verder onderzoek. Als dan blijkt dat je inderdaad antistoffen hebt die gevaarlijk kunnen zijn voor je baby moet de bloedgroep van de biologische vader bepaald worden. Zo kunnen de mogelijke bloedgroepen van de baby bepaald worden en daarmee het risico op bloedgroepantagonisme. Er kan dan besloten worden je kindje tijdens de zwangerschap extra te controleren. Bij ernstige bloedarmoede wordt de bevalling ingeleid of wordt er een keizersnede gedaan. Soms is het mogelijk om de baby tijdens de zwangerschap te behandelen. In de meeste gevallen ontstaan er geen grote problemen en is het enige verschijnsel wat langer durende geelzucht bij de baby.
Hemoglobinegehalte (Hb)
Het Hb-gehalte uit dit bloedonderzoek wordt gebruikt als uitgangswaarde. Als je tijdens je zwangerschap klachten krijgt die kunnen passen bij bloedarmoede , wordt het hemoglobinegehalte nog een keer bepaald. Het is normaal dat het Hb-gehalte tijdens je zwangerschap wat daalt. Komt deze bloedwaarde onder een bepaald niveau, dan kun je worden behandeld met ijzertabletten (staalpillen) .
Bloedsuikergehalte
Dit onderzoek is niet noodzakelijk en wordt daarom niet door alle verloskundigen uitgevoerd. Een te hoog bloedsuikergehalte wijst op suikerziekte tijdens de zwangerschap.
Hepatitis B
Dragers van het virus dat hepatitis B veroorzaakt kunnen het virus tijdens de bevalling overdragen aan hun baby. Om te voorkomen dat een kindje hepatitis B ontwikkelt, krijgt het binnen twee uur na de geboorte antistoffen tegen deze ziekte toegediend . Via het rijksvaccinatieprogramma wordt je baby gevaccineerd tegen hepatitis B.
Syfilis (lues)
Het is mogelijk dat je, zonder het zelf te weten, besmet bent met syfilis.’Syfilis is een seksueel overdraagbare aandoening die tijdens de zwangerschap en tijdens de bevalling kan worden overgedragen op je baby. Dit heeft ernstige gevolgen. Daarom zal een bloedonderzoek waaruit syfilis blijkt altijd tot verder onderzoek leiden om te kijken of de diagnose klopt. Het komt namelijk regelmatig voor dat het eerste bloedonderzoek ten onrechte positief was. Als je definitief besmet blijkt te zijn, word je met medicijnen behandeld zodat je de ziekte niet kunt overdragen aan je baby. Ook je partner wordt onderzocht en indien nodig behandeld.
HIV
HIV is het virus dat aids veroorzaakt. Als je besmet bent met dit virus, word je tijdens je zwangerschap met medicijnen behandeld. Dit verkleint de kans dat je baby ook besmet raakt. Tijdens de zwangerschap wordt regelmatig gecontroleerd of de medicatie aanslaat. Als je in de afgelopen drie maanden een risicovolle seksuele relatie hebt gehad, is HIV nog niet aantoonbaar in je bloed. Na drie maanden moet je dan nogmaals getest worden.
Als je vragen hebt, kun je natuurlijk deze stellen. Je kunt ook thuis een vragenlijstje maken met alles wat je wilt vragen tijdens de controle.
| Bron: Medic Info | Copyright: Medic Info | Datum: 15/12/2011 | Disclaimer |