Bij iedere controle wordt de bloeddruk gemeten. Of je gewicht wordt gemeten, verschilt per verloskundige. Op zich is het ook niet zo belangrijk of en hoeveel je aankomt. Belangrijk is dat je voldoende en goed gezond eet. Veel verloskundigen gaan er tegenwoordig vanuit dat je gewicht je eigen verantwoording is. Kom je heel veel aan? Jouw probleem om het er later weer af te krijgen. Verloskundigen kunnen met hun handen goed voelen of de baby normaal groeit, het gewicht van de moeder heeft hier niet veel mee te maken. Sommige verloskundigen zullen je vragen om (zo nu en dan) urine mee te brengen, anderen vragen hier niet om. De urine wordt gecontroleerd op suiker en eiwit, dit in verband met eventuele zwangerschapssuiker en nierfalen ten gevolge van hoge bloeddruk. De urinestickjes zijn niet erg betrouwbaar, vandaar dat lang niet alle verloskundigen de urine nog controleren. Een betrouwbaardere methode om te controleren of je zwangerschapssuiker hebt, is een bloedonderzoek. Sommige verloskundigen doen dit standaard, anderen alleen als er een reden voor is.
De verloskundige zal je vragen of je de baby goed voelt bewegen, en wanneer je dat voor het eerst gevoeld hebt. Verder zal ze je buik onderzoeken. In de eerste 26-28 weken van de zwangerschap wordt de groei van de baby vooral bepaald door de groei van de baarmoeder. Er zijn min of meer vastgestelde hoogtes van de baarmoeder die bij een periode van de zwangerschap horen (zie tekening).
De controles blijven in de hele zwangerschap ongeveer hetzelfde, met dit verschil dat je verloskundige vanaf ongeveer 28 weken kan voelen hoe je kindje in je buik ligt.

Tot ongeveer 33 weken kan je kindje nog alle kanten opdraaien, het ene moment kan hij in stuit liggen (kontje beneden) en het volgende moment mooi in hoofdligging. Pas als het hoofdje is ingedaald, wordt het bijna onmogelijk voor de kleine om om zijn lengteas te draaien. Dus als de verloskundige bij 30 weken zegt dat de kleine in stuit ligt, wilt dat helemaal niet zeggen dat hij ook zo blijft liggen.
De meeste verloskundigen meten de hoogte van de baarmoeder in centimeters. Het aantal cm + 4 moet ongeveer overeenkomen met het aantal weken dat je zwanger bent. Dus als de verloskundige 12 cm meet, dan moet je ongeveer 12 cm + 4 = 16 weken zwanger zijn.
Als laatste zal de verloskundige het hartje van de baby laten horen. In het begin van de zwangerschap moet de verloskundige vaak nog wel even zoeken naar het hartje. Schrik hier niet van, omdat de verloskundige nog niet weet hoe de baby precies ligt, kan ze ook nog niet de exacte plaats bepalen waar het hartje te horen is.